ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6194
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.J. van Uchelen
- Rechtspraak.nl
Toewijzing beroep wegens onzorgvuldige toepassing mvv-vereiste bij verblijfsvergunning
Verzoekers, van Iraanse nationaliteit, dienden een aanvraag in voor een verblijfsvergunning zonder geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Hoewel verzoeker sinds 10 januari 2001 in het bezit was van een tewerkstellingsvergunning, stelde de IND de aanvraag buiten behandeling wegens het niet voldoen aan het mvv-vereiste.
De rechtbank overwoog dat de procedures voor verblijfs- en tewerkstellingsvergunningen nauw met elkaar samenhangen en dat een zorgvuldige samenwerking tussen uitvoerende diensten vereist is. De IND had echter niet tijdig op de aanvraag beslist, waardoor de indruk ontstond dat het mvv-vereiste niet meer zou worden tegengeworpen.
De rechtbank oordeelde dat het niet tijdig beslissen strijdig was met een zorgvuldige beslissingsprocedure en dat het mvv-vereiste in redelijkheid niet meer aan verzoekers kon worden tegengeworpen. Het beroep werd gegrond verklaard, de eerdere beschikkingen vernietigd en de IND veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de eerdere beschikkingen worden vernietigd wegens strijd met een zorgvuldige beslissingsprocedure.