ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6262
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen herhaalde asielaanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiser, een Soedanese nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 23 juli 2001 een herhaalde aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel in. Hij ondersteunde zijn aanvraag met twee oproepen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken in Soedan, waarvan één gedateerd in 1998 en de andere ongedateerd maar ontvangen in 1999. Verweerder wees de aanvraag af op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat deze oproepen niet als nieuwe feiten of omstandigheden konden worden beschouwd.
De rechtbank bevestigde dat uit eerdere uitspraken was komen vast te staan dat eiser niet als vluchteling kon worden aangemerkt en dat er geen reëel risico op onmenselijke behandeling bij terugkeer naar Soedan bestond. De door eiser overgelegde oproepen voegden geen zodanige nieuwe feiten toe die tot een andere beoordeling zouden moeten leiden.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de aanvraag had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien om eiser te veroordelen in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter R. Depping op 7 augustus 2001.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.