ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7076
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verlenging vergunning verblijf wegens ontbreken drie jaar aaneengesloten verblijf
Eiser, afkomstig uit Sierra Leone, had een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv) verleend gekregen van 11 september 1995 tot 11 september 1997. Zijn aanvraag tot verlenging van deze vergunning werd geweigerd. De rechtbank beoordeelde of deze weigering terecht was op grond van het toen geldende vreemdelingenbeleid en de wettelijke bepalingen.
De rechtbank stelde vast dat verweerder van oktober 1996 tot 1 december 1997 geen vvtv-beleid voerde, waardoor er geen verplichting bestond om de vvtv van eiser te verlengen. Eiser had slechts twee achtereenvolgende jaren een vvtv gehad, terwijl artikel 13a van de Vreemdelingenwet (oud) drie jaar aaneengesloten verblijf vereist voor een verblijfsvergunning. Hoewel achteraf gezien vanaf 1 december 1997 een vvtv-beleid werd gevoerd, kon dit niet leiden tot een recht op vergunning omdat de vereiste drie jaar niet waren vervuld.
Eiser voerde tevens een beroep op het gelijkheidsbeginsel aan, omdat een landgenoot wel een vergunning op grond van het drie-jarenbeleid had ontvangen. De rechtbank verwierp dit beroep, omdat die landgenoot wel aan de vereiste drie jaar aaneengesloten verblijf voldeed. De rechtbank concludeerde dat eiser geen recht had op verlenging van zijn vvtv of op een verblijfsvergunning op grond van artikel 13a Vw (oud) en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de verlenging van de vvtv wegens het ontbreken van drie achtereenvolgende jaren verblijf.