ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7105
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring vreemdeling in het kader van uitzetting
De zaak betreft een beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring van een vreemdeling op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was eerder opgelegd en reeds getoetst door de rechtbank, die op 14 augustus 2001 de rechtmatigheid ervan had bevestigd. Het huidige beroep richt zich op de voortzetting van deze maatregel.
Verweerder heeft vervolgkennisgevingen en voortgangsrapportages (model M 120-A) overgelegd, inclusief een telefoongespreknotitie waaruit blijkt dat er wekelijks contact is met de Surinaamse autoriteiten over de uitzetting. De rechtbank oordeelt dat deze gegevens voldoende voortvarendheid tonen in de voorbereiding van de uitzetting.
De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring niet in strijd is met de Vreemdelingenwet en dat er geen reden is om de maatregel op te heffen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft van kracht. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft gehandhaafd.