ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7112
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel van bewaring wegens schending recht op toegang advocaat in vreemdelingenzaak
De Staatssecretaris van Justitie legde op 31 augustus 2001 aan eiser, zonder rechtmatig verblijf in Nederland, een maatregel van bewaring op met het oog op uitzetting. Eiser stelde beroep in tegen deze maatregel. Tijdens de procedure bleek dat de raadsman van eiser niet in staat was geweest om eiser te bezoeken op de plaats van bewaring, ondanks herhaalde pogingen en contacten met het Bureau Selectiefunctionarissen (BSF).
De rechtbank oordeelde dat het recht op vrije toegang van de raadsman tot de vreemdeling, zoals vastgelegd in artikel 104 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, fundamenteel is en niet kan worden vervangen door een kort gesprek voorafgaand aan de zitting. Omdat verweerder de verblijfplaats van eiser niet bekend maakte, werd dit recht geschonden.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de maatregel van bewaring met onmiddellijke ingang opgeheven en verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van het recht op toegang tot juridische bijstand tijdens detentie in vreemdelingenzaken.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens schending van het recht op toegang van de raadsman tot de vreemdeling.