ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7196
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.A.F. Donders
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing asielaanvraag Syrisch-orthodoxe christen uit Irak wegens vestigingsalternatief Noord-Irak
Verzoeker, een Syrisch-orthodoxe christen uit Centraal-Irak, diende een asielaanvraag in die in de AC-procedure werd afgewezen door verweerder. Verweerder stelde dat Noord-Irak als vestigingsalternatief kon gelden, waarbij het banden-criterium niet meer van belang was volgens nieuw beleid. Verzoeker vreesde vervolging vanwege zijn weigering deel te nemen aan Baath-partij trainingen en wilde medische behandeling voor zijn dochter in Nederland.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht kon concluderen dat verzoeker geen gegronde vrees voor vervolging had, maar dat het beleid om het banden-criterium los te laten bij het vestigingsalternatief onvoldoende gemotiveerd was. De rechtbank achtte het niet mogelijk om deze complexe beleidsvraag in de korte AC-procedure te beantwoorden en stelde vast dat de aanvraag ten onrechte in deze procedure was afgewezen.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door de fungerend president van de rechtbank 's-Gravenhage op 31 augustus 2001.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd omdat de aanvraag ten onrechte in de AC-procedure is afgewezen.