ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7332
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid bewaring vreemdeling zonder voorafgaand verhoor
De vreemdeling, een Bulgaarse nationaliteit, werd in bewaring gesteld op grond van artikel 59 Vreemdelingenwet Pro 2000 wegens illegaal verblijf en het vermoeden van onttrekking aan uitzetting. Hij stelde dat zijn bewaring onrechtmatig was omdat geen expliciet processtuk over zijn aanmelding bij het Penitentiair Selectiecentrum (PSC) aanwezig was en omdat hij niet voorafgaand aan de bewaring was gehoord.
De rechtbank stelde vast dat in de inhoudsopgave van het dossier een summiere notitie over de aanmelding bij het PSC was opgenomen, wat voldoende werd geacht. Het voorafgaand verhoor kon niet worden afgewacht omdat er geen Bulgaarse tolk beschikbaar was en de vreemdeling anders onterecht enige tijd van zijn vrijheid zou zijn ontnomen. Het verhoor vond wel spoedig na de bewaring plaats.
Verder werd geoordeeld dat de gegevens van de vreemdeling weliswaar niet expliciet via het Decentraal Vreemdelingen Administratie Systeem (DVAS) waren gecontroleerd, maar gezien de vaste gedragslijn van de politie en de erkenning van illegale arbeid, stond vast dat hij geen rechtmatig verblijf had. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.