ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7564
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring wegens onrechtmatige controle op grond van de Wet arbeid vreemdelingen
De vreemdeling, van Turkse nationaliteit, werd op 5 september 2001 in bewaring gesteld na een controle op grond van de Wet arbeid vreemdelingen (WAV). De controle vond plaats in een winkel waar eerder illegale arbeid was geconstateerd, maar de vreemdeling werd niet in die winkel aangetroffen, maar slapend in een nabijgelegen woonhuis met interne doorgang.
De rechtbank stelt vast dat de verbalisanten buiten hun bevoegdheid handelden omdat de vreemdeling zich niet in het pand bevond waar de controle plaatsvond. De gegevens die op deze wijze zijn verkregen, mochten niet worden gebruikt ter onderbouwing van het vermoeden van illegaal verblijf. Hierdoor was de staandehouding en de daaropvolgende inbewaringstelling onrechtmatig.
De maatregel van bewaring werd na het indienen van het beroepschrift opgeheven en de vreemdeling uitgezet. De rechtbank kent een schadevergoeding toe van 400 gulden voor het verblijf in de politiecel en veroordeelt de Staat tot vergoeding van de proceskosten. Het beroep wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling was onrechtmatig en er is een schadevergoeding toegekend.