ECLI:NL:RBSGR:2001:AD9007
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.W. Sentrop
- Rechtspraak.nl
Schorsing militair vervalt niet van rechtswege na drie maanden, rechtszekerheid bij verlenging
Eiser, een militair, werd geschorst na een drugsvangst en een veroordeling door de militaire politierechter. De schorsing werd na drie maanden niet formeel opgeheven door de commandant, waarna de Staatssecretaris van Defensie de schorsing verlengde voor onbepaalde tijd. Eiser stelde dat de schorsing van rechtswege was geëindigd na drie maanden en dat de verlenging onrechtmatig was.
De rechtbank overwoog dat de schorsing formeel niet van rechtswege vervalt zonder een opheffingsbesluit van de bevoegde commandant. De verlenging door de Staatssecretaris was daarom bevoegd, maar moest voldoen aan het rechtszekerheidsbeginsel. Dit houdt in dat de duur van de verlenging beperkt moet zijn tot wat strikt noodzakelijk is voor nader onderzoek en besluitvorming.
De rechtbank vond de onbepaalde verlenging van de schorsing onaanvaardbaar omdat dit de militair in onzekerheid laat over zijn toekomst en geen prikkel biedt tot voortvarende afhandeling. Het bezwaar van eiser tegen de verlenging werd ten onrechte ongegrond verklaard, waardoor het beroep gegrond werd verklaard. De rechtsgevolgen van het besluit bleven echter in stand totdat het ontslag van eiser werd verleend.
Uitkomst: De schorsing van de militair vervalt niet van rechtswege na drie maanden en de onbepaalde verlenging is onrechtmatig, het beroep wordt gegrond verklaard.