ECLI:NL:RBSGR:2002:AD9750
Rechtbank 's-Gravenhage
- Proceskostenveroordeling
- H. Ollermann
- M.A. Dirks
- J.J.P. Bosman
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens onrechtmatige voortzetting vreemdelingenbewaring door nalaten kennisgeving
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde het beroep van een vreemdeling tegen de Staat inzake de onrechtmatige voortzetting van zijn vreemdelingenbewaring. De bewaring was op 26 oktober 2001 opgeheven nadat was vastgesteld dat de verplichte kennisgeving aan de rechtbank over het voortduren van de bewaring niet tijdig was verzonden, wat een wezenlijke tekortkoming vormde.
De rechtbank oordeelde dat het niet naleven van de kennisgevingsplicht de voortzetting van de bewaring onrechtmatig maakte vanaf 20 september 2001, de dag waarop de kennisgeving had moeten plaatsvinden. Hoewel verweerder stelde dat de schadevergoeding pas zou ingaan vanaf het moment van het beroepschrift, verwierp de rechtbank dit standpunt en stelde een richttermijn van negen weken na de vorige uitspraak vast waarbinnen de schadevergoeding zou kunnen ingaan.
De rechtbank matigde de schadevergoeding met 50% vanwege de voortvarendheid van verweerder bij de voorbereiding van de uitzetting en met 25% vanwege het frustreren van de vreemdeling bij presentaties aan buitenlandse autoriteiten. De totale schadevergoeding werd vastgesteld op €612,50 voor 35 dagen onrechtmatige bewaring. Daarnaast werden proceskosten van €483 toegewezen aan de vreemdeling.
Uitkomst: De rechtbank kent een schadevergoeding van €612,50 toe wegens onrechtmatige voortzetting van vreemdelingenbewaring en veroordeelt de Staat tot betaling van proceskosten.