ECLI:NL:RBSGR:2002:AE0026
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing voortgezet verblijf vreemdeling met status artikel 10 lid 2 Vreemdelingenwet
Eiseres, een Turkse vreemdeling, was sinds 1991 in Nederland met een verblijfsstatus op grond van artikel 10, tweede lid, van de Vreemdelingenwet. In 1995 vertrok zij voor studie naar Turkije en keerde in 1998 terug naar Nederland. In 1999 vroeg zij een verblijfsvergunning aan, maar deze werd buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
Verweerder stelde dat de status van eiseres door haar verblijf in Turkije was vervallen omdat de feitelijke gezinsband met haar ouders was verbroken. De rechtbank oordeelde echter dat eiseres niet in haar eigen onderhoud was voorzien tijdens haar studie en dat de gezinsrelatie daardoor niet voldoende was verbroken om de status te laten vervallen.
De rechtbank vernietigde het besluit van verweerder, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De rechtbank benadrukte dat het standpunt van verweerder onvoldoende was gemotiveerd en dat eiseres haar verblijfsstatus had behouden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot buiten behandeling stellen van de verblijfsaanvraag wordt vernietigd.