ECLI:NL:RBSGR:2002:AE0817
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Opheffing vrijheidsontnemende maatregel wegens ontbreken reëel zicht op uitzetting naar Somalië
Eiser, van Somalische nationaliteit, werd op 4 maart 2002 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Hij verzocht om opheffing van deze maatregel omdat gedwongen uitzetting naar Somalië niet mogelijk is. De rechtbank overwoog dat eiser niet beschikt over geldige grensoverschrijdingsdocumenten en dat het ontbreken van erkende Somalische autoriteiten het verkrijgen daarvan onmogelijk maakt. Terugkeer met medewerking van de Internationale Organisatie Migratie (IOM) is niet mogelijk omdat eiser niet vrijwillig wil terugkeren. Verwijdering op andere wijze is niet gebleken.
Verweerder stelde dat de maatregel niet onrechtmatig was en dat eiser onvoldoende had aangetoond dat het ontbreken van documenten hem niet te verwijten viel. Ook voerde verweerder aan dat de uitzettingsactiviteiten waren opgeschort in afwachting van een voorlopige voorziening. De rechtbank verwierp dit en stelde vast dat verweerder niet binnen een redelijke termijn mogelijkheden tot verwijdering had onderzocht of aangegeven.
De rechtbank concludeerde dat er geen concreet zicht op uitzetting bestaat en dat de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel in strijd is met de wet en niet gerechtvaardigd is. De maatregel werd opgeheven en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiser. Een vergoeding aan eiser werd niet toegekend.
Uitkomst: De vrijheidsontnemende maatregel tegen eiser wordt opgeheven wegens ontbreken van reëel zicht op uitzetting naar Somalië.