ECLI:NL:RBSGR:2002:AE0824
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Gorter
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij vluchtelingenaanvraag niet gegrond verklaard
Eiser, van Iraakse nationaliteit, diende een aanvraag in om als vluchteling te worden toegelaten, welke bij beschikking van 31 maart 2000 werd afgewezen. De beschikking werd op 20 juni 2000 aan eiser uitgereikt en tevens aan zijn gemachtigde verzonden. Het bezwaar werd echter pas op 28 november 2000 ingediend, wat buiten de wettelijke termijn viel. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank overwoog dat de bekendmaking rechtsgeldig had plaatsgevonden door uitreiking aan eiser in persoon met behulp van een familielid als tolk. De termijn voor bezwaar begon daarom op 21 juni 2000. De gemachtigde betwistte gemotiveerd de ontvangst van de beschikking en verweerder kon geen bewijs van verzending overleggen. Hierdoor achtte de rechtbank aannemelijk dat de gemachtigde de beschikking niet had ontvangen.
Gezien het beleid van verweerder om ook de gemachtigde te informeren, oordeelde de rechtbank dat sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding. Het bezwaar had daarom niet niet-ontvankelijk verklaard mogen worden. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, verklaarde het beroep gegrond en droeg verweerder op een nieuwe beschikking te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd wegens verschoonbare termijnoverschrijding.