ECLI:NL:RBSGR:2002:AE1758

Rechtbank 's-Gravenhage

Datum uitspraak
5 februari 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
AWB 02/6057 VRONTN
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Y.A.A.G. de Vries
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.116 Vreemdelingenbesluit 2000Art. 25 Vreemdelingenwet 2000Art. 8:54 Algemene wet bestuursrechtArt. 71 Vreemdelingenwet 2000Art. 6:5 Algemene wet bestuursrecht
Verwijzingen
8 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens tijdige beslissing buiten AC-procedure in vreemdelingenzaak

Eiser, een Syrische nationaliteit houdende persoon, diende op 18 januari 2002 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning na geweigerde toegang op Schiphol. Hij stelde dat niet binnen 48 procesuren op zijn aanvraag was beslist, waardoor volgens hem het beroep gegrond was en hij naar het opvangcentrum moest worden doorverwezen.

Verweerder gaf aan dat de aanvraag niet langer in de Aanmeldcentrum (AC)-procedure werd behandeld, maar onder de reguliere procedure viel met een beslistermijn van zes maanden. De rechtbank stelde vast dat het beroep van eiser voortijdig was ingediend omdat de zesmaandentermijn nog niet was verstreken.

De rechtbank verklaarde het beroep dan ook niet-ontvankelijk en wees verzoeken om vergoeding van griffierecht of proceskosten af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard omdat de aanvraag niet langer in de AC-procedure werd behandeld en de beslistermijn van zes maanden nog niet was verstreken.

Uitspraak

Rechtbank te 's-Gravenhage
zittinghoudende te Amsterdam
enkelvoudige kamer vreemdelingenzaken
Uitspraak
Artikel 8:54 Algemene Pro wet bestuursrecht (Awb)
artikel 71 Vreemdelingenwet Pro 2000 (Vw 2000)
reg.nr: AWB 02/6057 VRONTN
inzake: A alias A, geboren op [...] 1976, van Syrische nationaliteit,
verblijvende in het Grenshospitium te Amsterdam, eiser,
gemachtigde: mr. R.J. van der Zee, medewerker bij de Stichting Rechtsbijstand Asiel te Rotterdam,
tegen : de Staatssecretaris van Justitie, verweerder,
gemachtigde: mr. A.L. de Mik, ambtenaar bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst van verweerders ministerie.
I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING
1. Aan eiser is op 17 januari 2002 op luchthaven Schiphol de toegang geweigerd. Op 18 januari 2002 heeft hij een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van Pro de Vw 2000. Op 20 januari 2002 heeft het nader gehoor plaatsgevonden. Verweerder heeft op 21 januari 2002 een voornemen uitgereikt aan eiser.
2. Bij beroepschrift van 22 januari 2002 heeft eiser beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag.
II. OVERWEGINGEN
1. Eiser stelt zich op het standpunt dat nu er niet binnen 48 procesuren is beslist op zijn aanvraag, terwijl de aanvraag in de Aanmeldcentrum (AC)-procedure wordt afgedaan, sprake is van niet tijdig beslissen op de aanvraag, zodat het beroep gegrond is en eiser naar het Opvangcentrum (OC) dient te worden doorverwezen.
Verweerder heeft bij brief van 22 januari 2002 aangegeven dat eiser conform 3.116, tweede lid, Vreemdelingenbesluit 2000 in de gelegenheid wordt gesteld binnen twee weken op het voornemen van 21 januari 2002 te reageren.
2. De rechtbank stelt vast dat uit de brief van verweerder van 22 januari 2002 volgt dat de aanvraag van eiser niet langer in de AC-procedure wordt afgedaan. Ingevolge artikel 25 van Pro de Vw 2000 geldt alsdan een termijn van zes maanden voor het geven van een beschikking op de aanvraag. Dit betekent dat thans nog geen sprake is van niet tijdig beslissen op de aanvraag zodat het beroepschrift voortijdig is ingediend. Het beroep is derhalve kennelijk niet-ontvankelijk.
3. Van omstandigheden op grond waarvan verweerder het griffierecht zou moeten vergoeden dan wel één van de partijen zou moeten worden veroordeeld in de door de andere partij gemaakte proceskosten, is de rechtbank niet gebleken.
III. BESLISSING
De rechtbank
verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan en uitgesproken in het openbaar op 5 februari 2002, door mr. Y.A.A.G. de Vries, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. J.E. Lee, griffier.
Afschrift verzonden op: 5 februari 2002
Conc: JL
Coll:
D: B
Bp:-
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open op de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (adres: Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak, Hoger beroep vreemdelingenzaken, Postbus 16113, 2500 BC 's-Gravenhage). Ingevolge artikel 69, derde lid, van de Vw 2000 bedraagt de termijn voor het instellen van hoger beroep één week. Naast de vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen op grond van artikel 6:5 van Pro de Awb (zoals het overleggen van een afschrift van deze uitspraak) dient het beroepschrift ingevolge artikel 85, eerste lid, van de Vw 2000 een of meer grieven te bevatten. Artikel 6:6 van Pro de Awb (herstel verzuim) is niet van toepassing.