ECLI:NL:RBSGR:2002:AE1966
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens schending termijnen zienswijze
Verzoeker, een staatloze Palestijn, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning die door verweerder binnen de 48-uurstermijn werd afgewezen. Verzoeker bracht een zienswijze uit, maar deze werd na de wettelijke termijn van drie procesuren ingediend. De rechtbank stelde vast dat het tijdstip van ontvangst van de zienswijze niet exact vaststaat, maar dat de zienswijze na het verstrijken van de termijn was ingediend.
Verweerder heeft in het bestreden besluit geen rekening gehouden met deze zienswijze, hoewel het besluit nog niet bekend was gemaakt. Dit is in strijd met artikel 3.117, vijfde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000. De rechtbank oordeelde dat de beleidsregels van de Vreemdelingencirculaire niet boven de wettelijke regeling kunnen staan.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit wegens schending van de wettelijke termijnen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen wegens gebrek aan belang. De rechtsgevolgen van het besluit blijven echter in stand omdat de inhoudelijke beoordeling van de asielaanvraag door verweerder op goede gronden is gebaseerd.
Verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten van €966, en het hoger beroep werd opengesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens schending van wettelijke termijnen.