ECLI:NL:RBSGR:2002:AE2702
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- G. Blomsma
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens procedurefouten bij heroverweging verblijfsvergunning
Verzoeker, een vreemdeling van Mauritaanse nationaliteit, diende een aanvraag tot toelating als vluchteling in die door de IND werd afgewezen. Na afwijzing van bezwaar en niet-ontvankelijkverklaring van beroep, verzocht verzoeker om heroverweging van het onaantastbare besluit. De IND weigerde dit verzoek zonder de vereiste voornemenprocedure toe te passen.
De voorzieningenrechter constateert dat noch de Algemene wet bestuursrecht (Awb), noch de Vreemdelingenwet een heroverwegingsverzoek kent, maar dat dit verzoek als een nieuwe aanvraag moet worden gezien waarop artikel 4:6 Awb Pro van toepassing is. De IND heeft ten onrechte geen gebruik gemaakt van de voornemenprocedure en onjuist de mogelijkheid tot bezwaar vermeld in plaats van direct beroep.
Gelet op deze procedurefouten oordeelt de voorzieningenrechter dat het bezwaar tegen de beschikking van 30 januari 2002 moet worden doorgezonden naar de rechtbank en dat het beroep een redelijke kans van slagen heeft. Daarom wordt de voorlopige voorziening toegewezen en wordt de uitzetting van verzoeker opgeschort totdat vier weken na de uitspraak op het beroep zijn verstreken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening toe en schorst de uitzetting totdat het beroep is beslist.