ECLI:NL:RBSGR:2002:AE2861
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.V. van den Berg
- M.J. van der Ven
- F. Waardenburg
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid eisers in vorderingen tegen weigering registratie varkensrecht
Eisers, bestaande uit een maatschap van varkenshouders en akkerbouwers, vorderden dat de Staat hen het op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij toekomende varkensrecht zou registreren. De Staat had geweigerd dit recht te registreren, stellende dat de maatschap niet in aanmerking kwam voor categorie 3 van het Besluit. Eisers meenden dat deze weigering onrechtmatig was en dat zij aanspraak hadden op registratie en vergoeding.
De rechtbank overwoog dat de brief van het bureau waarin de weigering werd meegedeeld een besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht bevat. Dit besluit was aan beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) onderworpen, dat in een vergelijkbare zaak het besluit had vernietigd en verweerder had opgedragen opnieuw te beslissen.
De rechtbank oordeelde dat de situatie van eisers niet afweek van die van de eerdere zaak en dat zij daarom in hun primaire vorderingen niet-ontvankelijk moesten worden verklaard, omdat zij reeds een met waarborgen omklede rechtsgang bij het CBb hadden. Ook de subsidiaire vorderingen werden afgewezen. De rechtbank veroordeelde de Staat tot betaling van de proceskosten aan eisers.
Uitkomst: Eisers worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen tegen de Staat en de Staat wordt veroordeeld in de proceskosten.