ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6259
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van gebruik valse documenten bij witte-illegalenregeling
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning op grond van de tijdelijke regeling witte illegalen (TBV 1999/23). Verweerder weigerde deze vergunning omdat eiser gebruik heeft gemaakt van valse documenten, wat volgens het beleid een contra-indicatie vormt.
Eiser stelde dat het gebruik van de valse documenten slechts was om aan een baan te komen en niet om jegens de overheid een schijn van legaliteit te wekken. Ook wees hij op het ontbreken van een proces-verbaal, dat volgens hem vereist zou zijn op grond van een uitlating van de staatssecretaris.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van een proces-verbaal niet doorslaggevend is, omdat dit niet onderdeel is van het gepubliceerde beleid en geen bestendige beslissingspraktijk bestaat. Vaststaat dat eiser met valse documenten heeft gewerkt en daardoor een schijn van legaliteit heeft gewekt. Gelet op eerdere regularisatierondes en het feit dat de valse documenten gericht waren op toelating, was de weigering van de vergunning terecht. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard vanwege het gebruik van valse documenten.