ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6278
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- M.A.C. Hofman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel na intrekking besluit
Verzoeker diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die werd afgewezen. Hiertegen werd beroep ingesteld en een verzoek om voorlopige voorziening gedaan om uitzetting te voorkomen. Tijdens de procedure trok verweerder het bestreden besluit in wegens onzorgvuldigheid in de aanmeldcentrumprocedure.
De voorzieningenrechter overwoog dat de intrekking betekent dat verweerder opnieuw op de aanvraag moet beslissen, waardoor verdere behandeling van de grieven achterwege kan blijven. Verzoeker stelde dat ondanks de intrekking belang bestond bij vernietiging van het besluit vanwege onzorgvuldigheden en voortzetting van vrijheidsontneming, maar de rechter oordeelde dat verzoeker geen belang had bij vernietiging van het besluit in de zin van artikel 6:19, derde lid, Awb.
Het beroep strekte niet tot opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel en de rechter wees erop dat tegen die maatregel een aparte procedure liep. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van €966,-.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.