ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6294
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit ongewenstverklaring en weigering verblijfsvergunning wegens onvoldoende belangenafweging
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, werd ongewenst verklaard en kreeg een weigering van een verblijfsvergunning opgelegd vanwege meerdere jeugddetenties en een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen. Verweerder beriep zich op het gevaar voor de openbare orde en het beleid dat onherroepelijke vrijheidsbenemende straffen leiden tot ongewenstverklaring en weigering van toelating.
De rechtbank oordeelde dat de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen niet gelijkgesteld kan worden aan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf en dat verweerder onterecht geen onderscheid maakte tussen de gronden voor ongewenstverklaring en eerste toelating. Bovendien werd onvoldoende gemotiveerd ingegaan op de bijzondere omstandigheden van eiser, zoals zijn jeugdige leeftijd bij het plegen van strafbare feiten, de aard van de opgelegde maatregel gericht op resocialisatie, en de positieve prognoses uit psychologische rapporten.
De rechtbank stelde dat verweerder de wederzijdse belangen onvoldoende had afgewogen en het evenredigheidsbeginsel had geschonden. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen waarin deze belangenafweging wel wordt gemaakt. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd de Staat der Nederlanden aangewezen voor vergoeding van het griffierecht.
De uitspraak werd gedaan door de rechtbank 's-Gravenhage op 11 april 2002 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot ongewenstverklaring en weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.