ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7958
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid rechtbank bij beroep tegen niet-toepassing vertrekmoratorium Irak
Eisers, afkomstig uit Centraal-Irak, vorderden dat zij onder het vertrekmoratorium zouden vallen en aanspraak konden maken op opvang op grond van artikel 45, vierde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder wees dit af in een brief van 5 juli 2002, die de rechtbank kwalificeerde als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro.
De rechtbank oordeelde dat het besluit niet valt onder de bepalingen van artikel 79 Vw Pro 2000, die alleen van toepassing zijn op besluiten omtrent verblijfsvergunningen of besluitmoratoria. Hierdoor was afdeling 3 van hoofdstuk 7 Awb niet van toepassing en stond tegen het besluit bezwaar open in plaats van beroep.
Daarom verklaarde de rechtbank zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep en stuurde zij de beroepschriften door naar verweerder om als bezwaarschriften te worden behandeld. Een verzoek om voorlopige voorziening werd eerder afgewezen. De rechtbank sloot het onderzoek en deed uitspraak op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep en verwijst de beroepschriften door als bezwaarschriften.