ECLI:NL:RBSGR:2002:AF0985
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.F.H. Lycklama à Nijeholt
- J.F. Miedema
- J.C.W. Bogaards
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep gezinshereniging wegens verbroken feitelijke gezinsband
Eiser, van Surinaamse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf voor gezinshereniging met zijn Nederlandse moeder. Na afwijzing van de aanvraag en ongegrondverklaring van het bezwaar, stelde eiser beroep in bij de rechtbank. De rechtbank moest beoordelen welk beleid van toepassing was, waarbij het nieuwe beleid inzake het begrip 'feitelijke gezinsband' niet van toepassing was omdat dit beleid pas na de beslissing op bezwaar van kracht werd.
De rechtbank overwoog dat verweerder bevoegd is om de reikwijdte van nieuw beleid vast te stellen en dat het nieuwe beleid niet geldt voor zaken waarin al een beslissing op bezwaar is genomen. De rechtbank concludeerde dat de feitelijke gezinsband tussen eiser en de hoofdpersoon was verbroken doordat eiser duurzaam was opgenomen in een ander gezin en de hoofdpersoon niet meer ononderbroken in kosten van verzorging en opvoeding voorzag, noch feitelijk gezag uitoefende.
Eiser had onvoldoende aangetoond dat de hoofdpersoon na haar vertrek uit Suriname de intentie had om eiser spoedig naar Nederland te laten overkomen. De rechtbank achtte het beleid van verweerder, waarin objectivering van het intentiecriterium centraal staat, passend. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen aanleiding gezien tot kostenveroordeling of vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag gezinshereniging wordt ongegrond verklaard wegens verbroken feitelijke gezinsband.