ECLI:NL:RBSGR:2002:AF1237
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en ontbreken noodzakelijke reisdocumenten
Eiseres, een Rwandese vrouw, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van asiel vanwege mishandelingen en discriminatie in Rwanda. Zij stelde dat zij uit Rwanda via Tanzania naar Nederland was gereisd, maar kon geen documenten overleggen voor de reis van Rwanda naar Tanzania. Wel werden documenten overgelegd voor de reis van Tanzania naar Nederland. Verweerder twijfelde niet aan de nationaliteit of de feitelijke reis, maar vond het ontbreken van de eerste documenten relevant voor de beoordeling van de geloofwaardigheid.
Eiseres legde een bevel tot medebrenging over dat pas na het bestreden besluit aan het dossier werd toegevoegd. De rechtbank oordeelde dat dit document wel mocht worden betrokken omdat eiseres er pas later van op de hoogte was geraakt. Desondanks vond de rechtbank het asielrelaas niet aannemelijk, mede vanwege tegenstrijdigheden over het achterlaten van haar dochter en het onverklaarde karakter van haar ontsnapping uit de gevangenis.
De rechtbank achtte niet aannemelijk dat eiseres een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Rwanda. Ook was niet gebleken van schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd wegens onvoldoende aannemelijkheid van het asielrelaas.