ECLI:NL:RBSGR:2002:AF1625
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing weigering verblijfsvergunning aan zelfstandig ondernemer met criminele antecedenten
Eiser, een zelfstandig ondernemer met een cafetaria en kapsalon, vroeg een verblijfsvergunning aan op grond van de Tijdelijke witte illegalenregeling (TBV 1999/23). Verweerder weigerde de vergunning vanwege een transactieaanbod van f 75,- voor het bezit van traangas, wat criminele antecedenten opleverde. Eiser stelde dat verweerder had moeten afwijken van het beleid vanwege zijn ondernemerschap en langdurig verblijf.
De rechtbank oordeelde dat de ruimte voor afwijking van het beleid beperkt is, maar dat verweerder had moeten onderzoeken welke gevolgen de weigering had voor het ondernemerschap van eiser. Deze belangenafweging ontbrak, waardoor het besluit niet zorgvuldig tot stand kwam en onvoldoende gemotiveerd was.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder verboden eiser uit Nederland te verwijderen zolang niet opnieuw is beslist op het bezwaar. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en verweerder dient een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.