ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2359
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar verblijfsvergunning asiel
Eisers, van Afghaanse nationaliteit, dienden een aanvraag in voor toelating als vluchteling en ontvingen een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv). Deze vergunningen werden op 1 april 2001 omgezet in verblijfsvergunningen voor bepaalde tijd. Verweerder verklaarde de bezwaren tegen de weigering van toelating als vluchteling niet-ontvankelijk, omdat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen de gronden voor verlening van de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bij de beslissing op bezwaar ook de rechtmatigheid van het primaire besluit moet beoordelen. Indien het primaire besluit onrechtmatig is genomen, dient verweerder compensatie te bieden, analoog aan het overgangsrecht van artikel 115 Vreemdelingenwet Pro 2000. Omdat verweerder geen oordeel gaf over de rechtmatigheid, zijn de besluiten ondeugdelijk gemotiveerd en vernietigbaar.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en draagt verweerder op opnieuw te beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van 322 euro.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en beveelt verweerder tot hernieuwde beslissing met inachtneming van rechtmatigheid.