ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2365
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Toepassing hardheidsclausule bij mvv-plicht in verblijfsvergunning partnerzaak
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning met als doel verblijf bij echtgenote, maar deze is buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Eiser stelde dat de lange duur van de legalisatieprocedure, de medische situatie van zijn echtgenote en kind, en het ontbreken van financiële middelen voor terugkeer naar Ghana bijzondere omstandigheden vormden die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen.
Verweerder stelde dat de aanvraag terecht buiten behandeling was gesteld en dat de omstandigheden geen aanleiding gaven tot toepassing van de hardheidsclausule. Ook voerde verweerder aan dat de medische situatie van de echtgenote geen vrijstelling van de mvv-plicht rechtvaardigt en dat de stukken die pas in bezwaar zijn overgelegd niet in de heroverweging kunnen worden meegenomen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de hardheidsclausule onvoldoende had gemotiveerd en dat de omstandigheden, waaronder de langdurige legalisatieprocedure en de gedragsproblemen van het zoontje van eiser, toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen. Verweerder had eiser daarom moeten vrijstellen van de mvv-plicht. De rechtbank vernietigde het besluit en legde een dwangsom op voor het niet tijdig nemen van een nieuw besluit.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd de Staat der Nederlanden aangewezen als rechtspersoon voor vergoeding van griffierecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen onder verbeurte van een dwangsom.