ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2661
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen handhaving bestuursdwang wegens vermeende onrechtmatige omzetting woonruimte
Eisers, bewoners van een woning in Den Haag, werden geconfronteerd met een besluit van het college van burgemeester en wethouders waarin bestuursdwang werd aangekondigd wegens het vermeende onrechtmatig omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte zonder vergunning. Verweerder stelde dat eisers geen duurzame gemeenschappelijke huishouding voerden, waardoor de woning kamergewijs werd bewoond.
Eisers voerden aan dat zij als asielzoekers sinds 1999 gezamenlijk de woning huren en een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren, vergelijkbaar met een groep studenten. Zij betwistten de uitleg van verweerder over het begrip duurzaamheid en stelden dat het besluit in strijd was met beginselen van behoorlijk bestuur.
De rechtbank oordeelde dat eisers ten tijde van het besluit een duurzame gemeenschappelijke huishouding voerden, mede gelet op de gezamenlijke huur, het gebruik van gemeenschappelijke ruimtes en de duur van de bewoning. Het feit dat de huishouding mogelijk zal eindigen na een asielbeslissing deed hieraan niet af. De woning was derhalve niet onrechtmatig omgezet en het besluit bestuursdwang toe te passen kon niet in stand blijven.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde verweerder in de proceskosten. Tevens werd verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd omdat eisers een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren en de woning niet onrechtmatig is omgezet.