ECLI:NL:RBSGR:2002:AF4537
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel Rohingya uit Myanmar gegrond verklaard
Verzoeker, afkomstig uit Myanmar en behorend tot de Rohingya-moslimminderheid, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, welke door verweerder werd afgewezen in de aanmeldcentrumprocedure. Verzoeker overhandigde diverse documenten, waaronder een Rohingya Refugee Family Book en rapporten over de positie van Rohingya in Myanmar en Bangladesh, ter onderbouwing van zijn identiteit en nationaliteit.
Verweerder concludeerde dat verzoeker zijn Myanmarese nationaliteit niet aannemelijk had gemaakt, mede omdat hij geen officiële documenten van de Myanmarese autoriteiten kon overleggen en onvoldoende kennis van Myanmar zou hebben. De rechtbank oordeelde dat deze tegenwerping niet steekhoudend is, aangezien Rohingya’s doorgaans geen documenten van Myanmar ontvangen en verzoeker wel relevante documenten had overgelegd. Tevens was verweerder tekortgeschoten in het verrichten van nader onderzoek zoals voorgeschreven in werkinstructie 124.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onterecht had geconcludeerd dat verzoeker niet uit Myanmar afkomstig was en dat de taalbeheersing van verzoeker onvoldoende was onderzocht. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende onderzoek en motivering.