ECLI:NL:RBSGR:2002:AF5331
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing onrechtmatige bewaring vreemdeling wegens schending kennisgevingstermijn
Eiser werd op 31 oktober 2002 in bewaring gesteld, welke bewaring werd opgeheven nadat hij op 4 november 2002 tijdens zijn presentatie bij Turkse autoriteiten vluchtte. Na zijn terugkeer op 6 november 2002 werd hij opnieuw in bewaring gesteld op 7 november 2002. Verweerder stelde dat de bewaring op 29 november 2002 werd opgeheven wegens verzuim van tijdige kennisgeving aan de rechtbank, maar kon dit niet met stukken onderbouwen.
De rechtbank constateerde dat eiser zich nog steeds in bewaring bevond en dat de maatregel van 7 november 2002 voortduurde. Verweerder had nagelaten de kennisgeving aan de rechtbank uiterlijk op 11 november 2002 te verzenden, waardoor de bewaring vanaf 12 november 2002 onrechtmatig was. Het beroep werd daarom gegrond verklaard en de opheffing van de bewaring per 2 december 2002 bevolen.
Daarnaast werd het verzoek om schadevergoeding heropend omdat het onderzoek hierover niet volledig was. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van €322, te betalen aan de griffier. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van de rechtbank 's-Gravenhage op 2 december 2002.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is gegrond verklaard en de bewaring is per 2 december 2002 opgeheven.