ECLI:NL:RBSGR:2002:AF7185
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Rechtbank wijst beroep toe wegens niet tijdig beslissen COA over opvang asielzoekster
Verzoekster, afkomstig uit Congo-Brazzaville, diende een tweede asielaanvraag in en verzocht daarbij om opvang. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) bracht op 27 februari 2002 een advies uit aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) om geen opvang te verlenen. Het COA nam echter niet binnen een redelijke termijn een beslissing over dit advies.
Verzoekster stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen door het COA en tegen de vermeende weigering van de minister om opvang te verlenen. De rechtbank oordeelde dat het COA als beslissingsbevoegd orgaan verantwoordelijk is voor het nemen van een beslissing naar aanleiding van het IND-advies en dat een termijn van één week redelijk is voor het nemen van die beslissing.
De rechtbank concludeerde dat het COA niet tijdig heeft beslist en verklaarde het beroep gegrond. Het COA werd opgedragen binnen drie werkdagen na de uitspraak alsnog een besluit te nemen. Het beroep tegen de minister werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister geen beslissingsbevoegdheid heeft. Verzoeken om voorlopige voorzieningen werden afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen door het COA is gegrond verklaard en het COA is opgedragen binnen drie werkdagen alsnog een besluit te nemen.