ECLI:NL:RBSGR:2003:AF4883
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsvergunning wegens ongewenstverklaring en ontbreken novum
Verzoeker, van Ethiopische nationaliteit, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Hij was reeds ongewenst verklaard tot 13 maart 2008 vanwege een eerdere veroordeling voor doodslag met opzet. Verzoeker stelde dat hij vreest voor bloedwraak in Eritrea en mogelijke vervolging bij terugkeer.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag niet kon leiden tot verlening van een verblijfsvergunning omdat de ongewenstverklaring rechtsgeldig is en geen sprake is van nieuwe feiten (novum) die de eerdere beslissing zouden kunnen wijzigen. De verklaring van de Eritrese Vereniging werd niet als officieel bewijs erkend.
Verder werd overwogen dat verzoeker bescherming kan zoeken in Ethiopië, zijn officiële nationaliteit, en dat het beroep op artikel 8 EVRM Pro en vluchtelingenrechtelijke gronden onvoldoende was onderbouwd. De voorlopige voorziening en het beroep werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde aanvraag verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.