ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6480
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging tot voorlopig verblijf wegens onvoldoende motivering en toetsing aan artikel 8 EVRM
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde het beroep van eisers tegen het negatieve besluit van de Minister van Buitenlandse Zaken op hun aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Eerder was onherroepelijk vastgesteld dat de feitelijke gezinsband tussen eisers en referent was verbroken, waarop de aanvraag werd afgewezen. Eisers voerden aan dat er nieuwe omstandigheden waren, waaronder zorg door de huidige echtgenote van referent en verwijzingen naar jurisprudentie over artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat de eerdere beslissing niet zonder meer herzien hoeft te worden bij gewijzigde jurisprudentie, maar dat bij een herhaalde aanvraag telkens opnieuw getoetst moet worden aan hogere regelgeving, met name artikel 8 EVRM Pro. Daarbij dienen factoren zoals leeftijd van de kinderen, hun situatie in het land van herkomst en afhankelijkheid van de ouders meegewogen te worden, conform de uitspraak Sen van 21 december 2001 van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
In het bestreden besluit ontbrak een dergelijke toetsing en motivering, waardoor het besluit onvoldoende gemotiveerd was. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en veroordeelde de verweerder tot het nemen van een nieuw besluit met inachtneming van de hiervoor genoemde criteria. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van de mvv wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en toetsing aan artikel 8 EVRM.