ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6531
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C. van Linschoten
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel van bewaring wegens disproportionaliteit bij vreemdeling
Eiser, een vreemdeling met Surinaamse nationaliteit, verblijft sinds afwijzing van zijn reguliere aanvraag niet-rechtmatig in Nederland. Hij is in bewaring gesteld wegens vermoedelijke onttrekking aan uitzetting, gebaseerd op het ontbreken van een identiteitspapier en het ontbreken van een vaste woon- of verblijfplaats.
De rechtbank oordeelt dat eiser feitelijk altijd bij zijn moeder heeft gewoond en bij de vreemdelingendienst bekend is, waardoor de tweede grond voor bewaring niet standhoudt. Ook de eerste grond is onvoldoende om te concluderen dat de openbare orde bewaring vordert. Verweerder heeft bovendien lange tijd geen actie ondernomen om eiser uit te zetten, wat het belang bij bewaring vermindert.
De rechtbank acht de maatregel disproportioneel en vindt dat een minder ingrijpend middel, zoals toezicht met meldplicht, passend is. Het beroep wordt gegrond verklaard, de maatregel van bewaring wordt opgeheven en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens disproportionaliteit en onvoldoende gronden.