ECLI:NL:RBSGR:2003:AF7251
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens duurzame bescherming in land van eerder verblijf Kazachstan
Eisers, Russische staatsburgers, verbleven respectievelijk vanaf 1997 en 1999 in Kazachstan en hebben daar permanente verblijfsvergunningen. Hun aanvragen voor het staatsburgerschap werden afgewezen vanwege verdenking van openbaarmaking van staatsgeheimen in Rusland, waardoor zij vreesden voor uitlevering.
Verweerder heeft op grond van artikel 31, tweede lid, onder i, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) Kazachstan als land van eerder verblijf aangemerkt. De rechtbank oordeelt dat verweerder zich terecht baseerde op de verblijfsvergunningen en paspoorten van eisers, waaruit blijkt dat zij toegang tot Kazachstan hebben en daar duurzame bescherming kunnen vinden.
Eisers konden niet aannemelijk maken dat hun verblijfsvergunningen niet meer geldig zijn of dat zij daadwerkelijk risico lopen op uitlevering aan Rusland. Kazachstan is partij bij het Vluchtelingenverdrag en respecteert het verbod op refoulement. De rechtbank concludeert dat de asielaanvragen terecht zijn afgewezen en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvragen wordt ongegrond verklaard omdat Kazachstan als land van eerder verblijf duurzame bescherming biedt.