ECLI:NL:RBSGR:2003:AF7743
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H. Gorter
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen bewaring en overplaatsing vreemdeling naar Huis van Bewaring te Vught
Eiser, een vreemdeling van gestelde Algerijnse nationaliteit, is in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 met het oog op uitzetting. Hij maakt bezwaar tegen zijn bewaring en de wijze van tenuitvoerlegging daarvan, met name zijn verblijf in de landelijke afzondering van het Huis van Bewaring te Vught, omdat hij dit als onrechtmatig beschouwt en meent dat deze locatie niet is toegestaan volgens artikel 5.4 van het Vreemdelingenbesluit 2000 en artikel 9 van Pro de Penitentiaire beginselenwet.
De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser daadwerkelijk verblijft in het Huis van Bewaring te Vught, hetgeen in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen. De overplaatsing van de Penitentiaire Inrichting Tilburg naar Vught vond plaats na een incident waarbij eiser een vrouwelijke bewaarder mishandelde. De rechtbank heeft de belangen van eiser en de redenen voor de gewijzigde tenuitvoerlegging afgewogen en geoordeeld dat deze in redelijkheid gerechtvaardigd zijn.
Verder is gebleken dat verweerder voldoende voortvarend werkt aan de uitzetting van eiser, met lopende procedures voor laissez-passer en onderzoek naar documenten van Spaanse autoriteiten. De rechtbank concludeert dat de bewaring en de wijze van uitvoering daarvan niet in strijd zijn met de Vreemdelingenwet en dat het beroep ongegrond is. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring en de overplaatsing wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.