ECLI:NL:RBSGR:2003:AI1538
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens derdelandenexceptie voor Somalische vrouw
Eiseres, een Somalische vrouw, diende in 1999 een aanvraag in voor toelating als vluchteling, mede voor haar vier minderjarige kinderen. Verweerder wees de aanvraag af op basis van de derdelandenexceptie uit het Tussentijds Bericht Vreemdelingencirculaire (TBV) 2000/16, omdat eiseres volgens verweerder bescherming had kunnen genieten in Saoedi-Arabië, waar zij eerder verbleef.
Eiseres stelde dat zij nooit legaal in Saoedi-Arabië verbleef en verwees naar een ambtsbericht van de Minister van Buitenlandse Zaken dat bevestigt dat Somaliërs zonder geldig paspoort en sponsor geen legaal verblijf kunnen verkrijgen en dat illegale vreemdelingen zonder pardon worden uitgezet. Verweerder kon dit niet voldoende weerleggen en baseerde zijn standpunt op aannames zonder draagkrachtige motivering.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet redelijkerwijs kon aannemen dat aan de voorwaarden van de derdelandenexceptie was voldaan, met name de vereiste van legaal verblijf en terugkeerbaarheid. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij ook het asielrelaas inhoudelijk moet worden beoordeeld indien de exceptie niet van toepassing blijkt.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot betaling van proceskosten van €644. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van een verblijfsvergunning wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.