ECLI:NL:RBSGR:2003:AM2623
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting asielzoeker uit Tsjetsjenië
Verzoeker, een asielzoeker uit Tsjetsjenië, diende een herhaalde aanvraag in na eerdere afwijzing. Hij stelde dat de situatie voor Tsjetsjenië sinds de gijzeling in Moskou verslechterd was, wat een nieuw feit zou vormen dat tot heroverweging van zijn verblijfsvergunning moest leiden.
Verweerder wees het verzoek af met het argument dat de persoonlijke deelname van verzoeker aan een vechtpartij niet als nieuw feit kon worden beschouwd en dat een beroep op de algemene situatie in Tsjetsjenië geen rechtens relevant novum vormde. Verzoeker verwees naar een ambtsbericht van mei 2003 en het beleid van andere Europese landen die een categorale bescherming voor Tsjetsjenië overwegen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een beroep op de algemene situatie wel als nieuw feit kan worden beschouwd, mede door het recente ambtsbericht. Hoewel verweerder geen categorale bescherming toepast, is het beroep van verzoeker niet kansloos. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, waardoor uitzetting wordt verboden tot de beroepsprocedure is afgerond. Tevens werd verweerder opgedragen opvang te verlenen aan verzoeker gedurende deze periode.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 31 juli 2003 en is niet vatbaar voor rechtsmiddelen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt toegewezen en opvang wordt verleend tot beslissing op beroep.