ECLI:NL:RBSGR:2003:AM3093
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing visumverlening en duurzaamheid solvabele derde
Eiser heeft een visum voor kort verblijf aangevraagd om familiebezoek te brengen aan zijn zoon, de referent. De aanvraag werd afgewezen omdat verweerder oordeelde dat de garantsteller niet over een duurzaam inkomen beschikte. Verweerder baseerde zich daarbij op de regels voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv), die betrekking heeft op verblijven langer dan drie maanden.
De rechtbank stelt vast dat een visum slechts een verblijf tot maximaal drie maanden toestaat en niet verlengd kan worden, terwijl een mvv voor een langer verblijf is bedoeld. Verweerder heeft geen duidelijke omschrijving gegeven van wat onder een solvabele derde wordt verstaan en kon niet volstaan met de verwijzing naar de mvv-regels.
De rechtbank oordeelt dat de motivering van verweerder onvoldoende is en vernietigt de beschikking. Verweerder wordt opgedragen een nieuwe beschikking te geven met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de Staat veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de visumaanvraag wegens onvoldoende motivering en draagt verweerder op een nieuwe beschikking te geven.