ECLI:NL:RBSGR:2003:AM3192
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor afgifte machtiging tot voorlopig verblijf ondanks ontbreken gelegaliseerde geboorteakte
Verzoeker, een Pakistaanse student, had een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aangevraagd om in Nederland te kunnen studeren. De aanvraag werd aanvankelijk afgewezen vanwege het ontbreken van een gelegaliseerde en geverifieerde geboorteakte, een vereiste volgens het beleid voor personen uit probleemlanden zoals Pakistan.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het voor verzoeker onmogelijk was om deze geboorteakte te laten legaliseren vanwege de sluiting van de consulaire afdeling in Islamabad en beperkingen bij het consulaat in Karachi. Hoewel het beleid geen afwijkingen toestaat, oordeelde de rechter dat deze omstandigheden voor risico van de verweerder zijn en dat het belang van verzoeker bij het verkrijgen van de mvv zwaarder weegt dan het belang van verweerder bij het handhaven van het beleid.
De rechter wees op het tijdelijke karakter van het verblijf voor studie en het ontbreken van de noodzaak voor inschrijving in de burgerlijke stand, waardoor het belang van de gelegaliseerde geboorteakte als waarborg afneemt. De voorzieningenrechter gelastte de Minister om uiterlijk 23 augustus 2003 de mvv af te geven en veroordeelde de Minister in de proceskosten en griffierecht.
Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter gelast de Minister om verzoeker een machtiging tot voorlopig verblijf af te geven ondanks het ontbreken van een gelegaliseerde en geverifieerde geboorteakte.