ECLI:NL:RBSGR:2003:AN7846
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor legalisatie buitenlands geboortebewijs Nigeriaanse verzoeker
Verzoeker, van Nigeriaanse nationaliteit, diende bij de Nederlandse Ambassade te Lagos documenten ter legalisatie aan, waaronder een vervangend geboortebewijs en een ongehuwdverklaring. Verweerder weigerde deze documenten te legaliseren vanwege het strenge verificatiebeleid voor Nigeriaanse documenten, die alleen worden gelegaliseerd indien authenticiteit en inhoud zonder twijfel zijn vastgesteld.
Verzoeker maakte bezwaar tegen deze weigering, dat bij besluit van 15 juli 2003 ongegrond werd verklaard. Vervolgens verzocht verzoeker de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, zodat hij zou worden behandeld alsof hij in het bezit was van een gelegaliseerde geboorteakte, wat noodzakelijk was voor zijn MVV-aanvraag bij de IND.
De voorzieningenrechter oordeelde dat legalisatie een exclusieve bevoegdheid van de overheid is met bewijsrechtelijke gevolgen die niet lichtvaardig kunnen worden geschorst door een voorlopige voorziening. De gevraagde voorziening zou feitelijke en juridische gevolgen creëren die niet verenigbaar zijn met het voorlopige karakter van de maatregel.
Verder stelde de rechter dat toewijzing slechts mogelijk is indien het bestreden besluit in de bodemprocedure zeker zal worden vernietigd en een zwaarwegend spoedeisend belang bestaat. Dit was niet het geval, ook al wenst verzoeker hereniging met zijn gezin. Het verzoek werd daarom afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening om behandeld te worden als in het bezit van een gelegaliseerd buitenlands geboortebewijs wordt afgewezen.