ECLI:NL:RBSGR:2003:AN8000
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing vreemdelingenbewaring wegens onterecht betwiste Franse nationaliteit en toekenning schadevergoeding
Eiser is op 13 mei 2003 in vreemdelingenbewaring gesteld omdat zijn Franse nationaliteit niet met documenten kon worden aangetoond. De voorzieningenrechter stelde op 27 augustus 2003 vast dat partijen niet in geschil zijn over eisers Franse nationaliteit. Desondanks handhaafde verweerder de bewaring en betwistte de nationaliteit.
De rechtbank constateert dat verweerder geen aannemelijke verklaring heeft gegeven voor het tegenstrijdige standpunt over de nationaliteit en dat de voortzetting van de bewaring onrechtmatig is vanaf de datum van de uitspraak van de voorzieningenrechter. Tevens is niet voldaan aan de vereisten van artikel 8.13 Vreemdelingenbesluit 2000, waaronder het bieden van een vertrektermijn van vier weken.
De rechtbank beveelt daarom de opheffing van de bewaring en wijst een schadevergoeding toe aan eiser van € 2310,- voor de periode vanaf 27 augustus 2003 tot de opheffing. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 644,-. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank beveelt opheffing van de vreemdelingenbewaring en kent een schadevergoeding van € 2310,- toe.