ECLI:NL:RBSGR:2003:AN8132
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- M.A.C. Hofman
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens onvoldoende toetsing verblijfsalternatief en gewijzigde situatie Irak
Eisers, afkomstig uit Irak, hadden een aanvraag tot toelating als vluchteling ingediend die werd afgewezen. Na eerdere gegrondverklaring van hun beroep en een nieuw besluit van verweerder dat wederom afwijzend was, werd opnieuw beroep ingesteld. De rechtbank beoordeelde of het bestreden besluit stand kon houden.
De rechtbank overwoog dat de gewijzigde situatie in Irak na het bestreden besluit niet kon worden betrokken wegens procesrechtelijke vertraging. Verweerder had nagelaten te toetsen of eisers gemeenschapsbanden hadden met Noord-Irak, terwijl de rechtbank in een eerdere uitspraak had bepaald dat dit relevant was voor het verblijfsalternatief. Eisers hadden aannemelijk gemaakt dat zij geen verblijfsalternatief in Noord-Irak hadden.
De rechtbank oordeelde dat het relaas van eisers over vervolgingsgevaar onvoldoende ongeloofwaardig was om hun vrees te verwerpen, maar dat zij geen gegronde vrees hadden voor vervolging. De aanvragen om verblijf als vluchteling werden terecht afgewezen, maar de nalatigheid van verweerder in de toetsing van het verblijfsalternatief maakte het bestreden besluit onrechtmatig.
Het beroep werd gegrond verklaard, de bestreden besluiten vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de bestreden besluiten worden vernietigd vanwege onvoldoende toetsing van gemeenschapsbanden met Noord-Irak.