ECLI:NL:RBSGR:2003:AN8663
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning wegens onvoldoende onderzoek taalkwestie en onzorgvuldigheid
Eiser, afkomstig uit Soedan en lid van de Bari stam, vroeg een verblijfsvergunning aan op grond van vluchtelingenstatus en humanitaire redenen. Verweerder wees de aanvraag af omdat hij twijfelde aan de geloofwaardigheid van eiser, met name vanwege het ontbreken van kennis van de lokale talen en geografie van Soedan. Eiser verwees naar een brief van Vluchtelingenwerk Rijnmond die het gebruik van Engels in Zuid-Soedan bevestigt, maar deze informatie werd door verweerder nauwelijks betrokken bij de besluitvorming.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de taalkwestie en dat het besluit onzorgvuldig is voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd. Het ontbreken van identiteitsdocumenten kan niet zonder meer leiden tot afwijzing, en de brief van Vluchtelingenwerk Rijnmond vormt een aanknopingspunt dat nader onderzocht had moeten worden.
Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij de juiste motivering en onderzoek dienen plaats te vinden. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende onderzoek en onzorgvuldige motivering.