ECLI:NL:RBSGR:2003:AN9446
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering ontheffing paspoortvereiste Ethiopische asielzoekster
Eiseres, een Ethiopische asielzoekster, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning op grond van de tijdelijke regeling witte illegalen, maar beschikte niet over een geldig paspoort. Verweerder weigerde ontheffing van het paspoortvereiste en wees het verzoek af. De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit ondeugdelijk is gemotiveerd omdat verweerder niet is ingegaan op de stelling dat de Ethiopische autoriteiten niet reageren op de aanvraag om een paspoort en dat een vergelijkbare problematiek speelt als bij Turkse dienstweigeraars die wel ontheffing kregen.
Daarnaast had verweerder eiseres moeten horen, omdat het niet redelijk was om te eisen dat zij schriftelijk bewijs overlegt dat zij geen paspoort kan krijgen. Het niet horen van eiseres is in strijd met de zorgvuldigheidsnormen uit de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank stelt vast dat de problematiek rond het verkrijgen van paspoorten bij Ethiopische ex-asielzoekers vergelijkbaar is met die van Turkse dienstweigeraars, waardoor ontheffing van het paspoortvereiste gerechtvaardigd kan zijn.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit waarbij de paspoortproblematiek adequaat wordt betrokken. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten en wijst de Staat aan als rechtspersoon voor het griffierecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen waarbij de paspoortproblematiek adequaat wordt betrokken.