ECLI:NL:RBSGR:2003:AN9466
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid voortduring vrijheidsontnemende maatregel in asielprocedure
Eiser, een staatloos Palestijn, werd op 22 oktober 2003 de toegang tot Nederland geweigerd en onderging een vrijheidsontnemende maatregel op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij diende een asielaanvraag in, die op 25 oktober 2003 werd afgewezen, waarbij de maatregel werd gehandhaafd. Eiser stelde dat de maatregel onrechtmatig voortduurde vanwege overschrijding van de 48 procesuren in de asielprocedure.
De rechtbank oordeelde dat de beoordeling van de overschrijding van de 48 procesuren niet in deze procedure thuishoort, maar aan de AC-rechter in de AC-procedure moet worden overgelaten. De rechtbank benadrukte dat zij geen oordeel mag geven over de kansrijkheid van de rechtsmiddelen in de asielprocedure. De vrijheidsontnemende maatregel was rechtmatig opgelegd en voortgezet, mede omdat niet was gebleken dat de asielaanvraag niet binnen de AC-procedure kon worden afgedaan.
De rechtbank concludeerde dat de voortzetting van de maatregel niet in strijd was met de Vreemdelingenwet 2000 en dat het beroep ongegrond was. Het verzoek om schadevergoeding werd daarom eveneens afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.