ECLI:NL:RBSGR:2003:AO0530
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen feitelijke beëindiging opvang door COA
Eisers, Afghaanse asielzoekers, stelden beroep in tegen de feitelijke beëindiging van opvangvoorzieningen door het COA, nadat hun asielaanvragen definitief waren afgewezen. Zij voerden aan dat het COA-besluit als een beschikking moest worden aangemerkt en dat zij aanspraak konden maken op opvang op grond van een Memorandum of Understanding en het EVRM.
De rechtbank oordeelde dat de brief van het COA geen beschikking was en dat de rechtsgevolgen van de beëindiging van de opvang reeds waren ingetreden door eerdere afwijzende besluiten op hun asielaanvragen. Hierdoor was het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank verwierp ook het verzoek om verwijzing naar de burgerlijke rechter en het verzoek om een voorlopige voorziening.
De rechtbank benadrukte dat eisers zich te allen tijde rechtstreeks tot de burgerlijke rechter kunnen wenden en dat het COA geen bevoegdheid heeft om besluiten te nemen over het beëindigen van opvang. De rechtbank wees het beroep af en verklaarde het verzoek tot voorlopige voorziening ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de feitelijke beëindiging van de opvangvoorzieningen door het COA is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening is afgewezen.