ECLI:NL:RBSGR:2003:AO1123
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ontheffing tijdelijke drankverstrekking ijsbaan Hofvijver
Op 26 november 2003 heeft de ontheffinghouder een aanvraag ingediend voor een ontheffing op grond van artikel 35 van Pro de Drank- en Horecawet voor de exploitatie van een tijdelijke ijsbaan in de Hofvijver van 12 december 2003 tot en met 1 februari 2004. De burgemeester van Den Haag verleende een ontheffing voor de periode van 16 tot en met 28 december 2003, een aaneengesloten periode van dertien dagen.
De Directeur-Generaal van de Voedsel en Waren Autoriteit maakte bezwaar tegen deze ontheffing omdat de wet een maximale aaneengesloten periode van twaalf dagen voorschrijft. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verlenen van een ontheffing voor een periode langer dan twaalf dagen strijdig is met artikel 35, eerste lid, van de Drank- en Horecawet. De wetgever beoogt hiermee te voorkomen dat door opeenvolgende ontheffingen de vergunningplicht wordt omzeild.
Hoewel de ontheffing voor een periode van dertien dagen is verleend, was er geen sprake van onverwijlde spoed die het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigde. Tevens werd toegezegd dat de reguliere vergunningprocedure spoedig zou worden gevolgd en de ontheffingen zouden worden ingetrokken. Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af.
De uitspraak werd gedaan op 24 december 2003 door voorzieningenrechter C.J. Waterbolk van de Rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ontheffing voor de periode van dertien dagen wordt afgewezen.