ECLI:NL:RBSGR:2003:AO1708
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens groepsvervolging Azerbeidzjan
Eisers, een echtpaar van etnisch Armeense en Azeri afkomst, vroegen asiel aan vanwege vervolging en discriminatie in Azerbeidzjan en Nagorny Karabach. Verweerder wees hun aanvragen af omdat zij onvoldoende bescherming konden aantonen en een vestigingsalternatief in Azerbeidzjan of Armenië beschikbaar zou zijn.
De rechtbank stelde vast dat in de periode 1988-1992 sprake was van groepsvervolging in Azerbeidzjan tegen etnische Armeniërs en gemengde huwelijken. Hoewel na 1992 geen etnische zuiveringen meer plaatsvonden, was dit volgens de rechtbank het gevolg van het ontbreken van deze bevolkingsgroepen in Azerbeidzjan, niet van een gewijzigde houding van de autoriteiten.
Verder oordeelde de rechtbank dat eisers niet burgerlijk gehuwd zijn, waardoor het vestigingsalternatief in Armenië onzeker is. De rechtbank vernietigde de bestreden besluiten wegens onvoldoende motivering en droeg verweerder op opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen, waaronder het position paper van de UNHCR over het vestigingsalternatief in Armenië.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten van €1.288,-. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt de bestreden besluiten, met opdracht tot hernieuwde beslissing.