ECLI:NL:RBSGR:2003:AO2146
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van niet-betrokken aanvullende zienswijze in asielprocedure
Eiseres, een Kazachstaanse asielzoekster, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, welke door verweerder op 7 november 2002 werd afgewezen. Eiseres stelde dat haar aanvullende zienswijze van 6 november 2002 niet bij de besluitvorming was betrokken, wat door verweerder werd betwist. De rechtbank stelde vast dat de aanvullende zienswijze vóór de bekendmaking van het besluit was ontvangen en dat verweerder deze ten onrechte niet had meegewogen.
Daarnaast werd het individuele ambtsbericht, dat door verweerder was gebruikt om de geloofwaardigheid van eiseres te betwijfelen, als onvoldoende betrouwbaar beoordeeld. De rechtbank oordeelde dat de brief van 14 november 2002 van verweerder geen onderdeel van het besluit kon zijn en dat het bestuursorgaan niet achteraf schriftelijk kon afwijken van de wettelijke bepalingen omtrent zienswijzen.
De rechtbank concludeerde dat het motiveringsvereiste en de zorgvuldigheid bij besluitvorming waren geschonden en vernietigde het besluit. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 7 november 2002 wordt vernietigd, met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.