ECLI:NL:RBSGR:2004:AO3029
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Punt
- Verkleij
- Aarts
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor in zaak privacy en onrechtmatige daad tegen de Staat
Verzoekers, leden van de Koninklijke Familie, klaagden over onrechtmatige handelingen door de Staat, waaronder onrechtmatige onderzoeken, openbaarmaking van privacygevoelige informatie en ongeoorloofde observatie. Zij wilden een voorlopig getuigenverhoor gelasten om bewijs te verkrijgen ter onderbouwing van hun schadeclaims.
De rechtbank overwoog dat het verzoek onvoldoende concreet was en niet voldeed aan de vereisten van artikel 187 Rv Pro. Juridische vragen zoals bevoegdheid tot onderzoek en rechtmatigheid van openbaarmaking lenen zich niet voor getuigenverhoor. Daarnaast is het verschoningsrecht van familieleden tot de tweede graad van toepassing, waardoor getuigen uit de familie zich kunnen beroepen op dit recht.
De rechtbank concludeerde dat verzoekers geen redelijk belang hadden bij het verzoek en dat het bewijsaanbod niet toereikend was om het verzoek toe te wijzen. Het verzoek werd daarom afgewezen, mede wegens onevenredige bezwarendheid voor de wederpartij.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor wordt afgewezen wegens onvoldoende concreet bewijsaanbod en het bestaan van een verschoningsrecht.